Locus > Wet & Regelgeving > Beheer & verzelfstandiging > Budgethouderschap >  Printvriendelijke versie van deze pagina
Budgethouderschap als lichte vorm van interne verzelfstandiging

Art. 158 van het Gemeentedecreet definieert het budgethouderschap - enigszins cryptisch - als volgt:

"Het budgethouderschap is de toegekende bevoegdheid tot beheer van een budget dat taakstellend is in die zin dat het een norm inhoudt waarvan de budgethouder de realisatie nastreeft."

Het gaat dus om het beheer van een budget. Dit betekent dat de budgethouder de bevoegdheid heeft om zelf begrotingskredieten te beheren. Maar dit budget is niet vrij: het is taakstellend. Dat wil zeggen dat het dient om welbepaalde activiteiten uit te voeren en vastgelegde doelstellingen na te streven.
Het college van burgemeester en schepenen is de hoofdbudgethouder in elke gemeente, maar dit budgethouderschap kan op enkele manieren worden gedelegeerd (art. 159 Gemeentedecreet). Pas na deze delegatie is er sprake van verzelfstandiging. Zo kan bijvoorbeeld de directeur van het cultuurcentrum als budgethouder voor het dagelijks bestuur van het CC aangesteld worden. De directeur zal als budgethouder uiteraard enkel zijn budget voor de realisatie van de vastgelegde doelstellingen van het cultuurcentrum kunnen aanwenden.

Naast de budgethouder bestaat dan ook nog apart het beheersorgaan. Dit beheersorgaan kan zelf geen budgethouder zijn (die moet namelijk een personeelslid zijn) en beschikt dan ook niet over financiële autonomie, dit zit bij de budgethouder. In het organiek reglement wordt dan bepaald welke beheersbevoegdheden aan het beheersorgaan worden toegekend. Het college behoudt dan de resterende beheersbevoegdheden.

Adobe Portable Document Format Fiche Budgethouderschap_update 2012
Auteur: VVC/LOCUS Publicatiedatum: 17-JAN-2013 02:11 PM
Vragen of Opmerkingen?
Pagina Versturen?